Niederländisch: Synonyme von opdragen bis ophemelen

opdragen opdreunen opdrijven
opdringen opdringerig opdrinken
opdrogen opduikelen opduiken
opduvel opduvelen opeenhopen
opeenhoping opeens opeenstapelen
opeenstapeling opeenvolging opeisen
open open en bloot open haard
openbaar openbaar maken openbaar worden
openbaarheid openbaarmaking openbaren
openbaring openbreken openen
opengaan opengevallen openhalen
openhartig opening openingsrit
openlaten openlijk openmaken
openscheuren openslaan opensnijden
openstaan openstaand openstellen
openstelling opentrekken openzetten
opera operatie operatief
operationeel opereren operette
opeten opfleuren opfokken
opfrissen opgaan opgang
opgang maken opgave opgeblazen
opgebruiken opgedraaid opgeknapt
opgekropt opgelaten opgeld doen
opgelicht opgelucht opgeruimd
opgeschroefd opgesloten opgeteld
opgetogen opgetogenheid opgeven
opgewassen opgewassen zijn opgewekt
opgewektheid opgewonden opgezet
opgooi opgooien opgraven
opgroeien ophaal ophakken
ophalen ophangen ophanging
ophef opheffen opheffing
ophelderen opheldering ophemelen